

In gesprek met staatssecretaris I&W over knelpunten zero-emissiezones
Afgelopen maandag sprak directeur van Koninklijke VHG Marc van Rosmalen met staatssecretaris Annet Bertram van Infrastructuur en Waterstaat (I&W). Het gesprek ging over de verdere invoering van zero-emissiezones en wat dat betekent voor ondernemers. Denk aan de uitfasering van Euro 5-bestelauto’s, laadmogelijkheden en netcongestie. Samen met andere brancheorganisaties vroeg Marc aandacht voor een gelijk speelveld en voor ondernemers die door deze zones opdrachten of werkgebieden mijden. Ook benadrukte hij dat elektrisch werken financieel haalbaar én lonend moet zijn. Daarnaast ging het gesprek over de positie van hoveniers en groenvoorzieners binnen subsidieregelingen voor Schoon en Emissieloos Bouwen (SEB).
Koninklijke VHG staat achter de transitie naar elektrisch werken. Elektrisch werken is belangrijk voor milieudoelstellingen en draagt bovendien bij aan een gezondere werkomgeving. Deze transitie moet dan natuurlijk wel mogelijk zijn voor ondernemers. Een belangrijk gespreksonderwerp was dan ook de uitfasering van bestelauto’s met emissieklasse 5: die hebben binnenkort - vanaf 1 januari 2027 - geen toegang meer tot zero-emissiezones. Ook werd vooruitgekeken naar Euro 6-bestelauto’s, de overgangsregeling hiervoor loopt tot 1-1-2029.
Een gelijk speelveld
Wat zijn de gevolgen van de (verdere) invoering van de zero-emissiezones? Als je dat wilt weten, moet je zorgen voor een gelijk speelveld voor alle ondernemers. In dit geval betekent dat: kijk niet niet alleen naar ondernemers die een zero-emissiezone binnenrijden, maar ook naar ondernemers die opdrachten in binnensteden inmiddels vermijden. Reken je die laatste groep niet mee, dan kan er een te positief beeld ontstaan van de gevolgen van zero-emissiezones.
Ook de verschillen in handhaving en boetebeleid tussen gemeenten kwamen aan de orde in het gesprek. Sommige gemeenten handhaven strikt en fors, andere veel minder. Daarnaast blijven laadmogelijkheden een belangrijk knelpunt. Netcongestie beperkt de beschikbare capaciteit, terwijl laadvoorzieningen in de praktijk lang niet altijd beschikbaar zijn bij de werklocatie.
Elektrisch werken moet lonen
Koninklijke VHG benadrukte verder dat elektrisch werken moet lonen. Ondernemers die investeren in elektrische voertuigen en machines maken hogere kosten. Het is dan natuurlijk niet de bedoeling dat zij vervolgens worden weggeconcurreerd door partijen die goedkoper werken dankzij fossiel materieel. Opdrachtgevers, waaronder gemeenten, moeten hier rekening mee houden bij het verlenen van opdrachten.
Ook belangrijk: hoveniers en groenvoorzieners die onderdeel zijn van de bouw- en infraketen en die investeren in elektrische machines moeten toegang krijgen tot relevante subsidiemogelijkheden voor Schoon en Emissieloos Bouwen (SEB). Dat is nu nog niet het geval. Ook hiervoor hebben wij aandacht gevraagd bij de staatssecretaris.
Vervolg
In het vervolgoverleg met het ministerie en gemeenten brengt Koninklijke VHG deze punten opnieuw onder de aandacht. Wat voor ons voorop staat: de verdere elektrificatie van de sector wordt gestimuleerd, met oog voor haalbaarheid, een gelijk speelveld en passende randvoorwaarden voor ondernemers.
Relevante nieuwsberichten
Actuele thema’s
Samenwerking met opleidingspartners – praktijkgerichte opleidingen, cursussen en workshopsSamen met andere groenprofessionals in spe is leren veel leuker. Je leert ook nog eens van elkaar.
.avif)


.avif)