Studieovereenkomst
Met een studiekostenovereenkomst leg je vast wanneer een werknemer opleidingskosten moet terugbetalen bij vertrek.
Een studiekostenovereenkomst is een afspraak tussen werkgever en werknemer over het terugbetalen van (een deel van) de opleidingskosten als de werknemer binnen een bepaalde periode na afronding van de studie uit dienst treedt. Dit instrument wordt vaak ingezet om te voorkomen dat een werknemer direct na het volgen van een opleiding, op kosten van de werkgever, vertrekt naar een andere organisatie.
Sinds augustus 2022 zijn de wettelijke mogelijkheden voor het sluiten van een studiekostenovereenkomst aangescherpt. Scholing die noodzakelijk is voor het uitvoeren van de functie, of door de werkgever verplicht wordt gesteld om het werk te behouden, mag niet meer op basis van een studiekostenbeding worden teruggevorderd. Alleen wanneer het gaat om niet-verplichte of niet-functiegerelateerde opleidingen, kan een geldige studiekostenovereenkomst worden gesloten. Een BBL-opleiding is geen verplichte opleiding en hiervoor kan dan ook een studiekostenovereenkomst worden gesloten.
Vereisten voor geldigheid:
- De overeenkomst moet schriftelijk worden vastgelegd, voorafgaand aan de start van de opleiding. Sluit voor elke opleiding of cursus dus steeds een afzonderlijke studieovereenkomst;
- Het moet duidelijk zijn om welke opleiding(en) en welke kosten het gaat. Wees daarbij zo specifiek mogelijk;
- Er dient een reële terugbetalingsregeling te worden opgenomen, waarbij de terugbetalingsverplichting evenredig afneemt naarmate de tijd verstrijkt (de zogenoemde 'glijdende schaal'). In de modelstudieovereenkomsten staat de afbouwregeling conform de cao (artikel 30 e.v. cao);
- Het studiekostenbeding mag uitsluitend gelden voor studies die niet verplicht zijn voor de functie of voortvloeien uit wettelijke verplichtingen van de werkgever;
- De terugbetalingsverplichting geldt alleen als de werknemer op eigen initiatief vertrekt, niet bij ontslag op initiatief van de werkgever tenzij sprake is van ontslag op staande voet door toedoen van de werknemer.
Praktische aandachtspunten
- Maak een duidelijk onderscheid tussen verplicht een niet-verplichte scholing;
- Benoem in de overeenkomst expliciet de studieduur, de hoogte van het bedrag, de terugbetalingsperiode en de wijze van afbouw;
- Informeer de werknemer vooraf over de financiële consequenties bij vertrek;
- Leg alle afspraken transparant vast, zodat later geen discussie ontstaat over de intentie of toepassing.
Vragen?
Heb je vragen of wil je meer weten? Neem dan contact op met onze collega’s van de VHG Ondernemershelpdesk via ondernemershelpdesk@vhg.nl of 085 3307700.
.avif)


.jpg)